
Een gelovige bewoonster
heeft genoten van de herfstviering,
van mijn woorden,
‘En dat voor iemand
die zich niet Gods kind noemt’, zegt ze
En ik zeg:
‘Volgens u ben ik dat wel
Dus wat ben ik dan?’
En of het waar is of niet
De woorden: kind van God
vinden herkenning
Ik mag zijn wie ik ben